 |
 |
|
Berichten: |
| |
|
CDFS draagt drinkwaterproject over aan de gemeenschap van
Wanhatti |
|
Op
vrijdag 9 februari 2007 vond de officiële overdracht van het
Project “Rehabilitatie en Uitbreiding
Drinkwatervoorzieningsysteem te Wanhatti” gelegen in het
district Marowijne plaats. De overdracht vond plaats door de
Minister van Regionale Ontwikkeling, Z.E. Michel Felisi aan de
gemeenschap van Wanhatti ten overstaan van de Directeur van het
CDFS. Aangezien het Ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen de
Beheersinstantie is wat betreft de drinkwatervoorziening, is dit
project door de gemeenschap overgedragen aan dit Ministerie.
Achtergronden
Het
Marron-dorp Wanhatti ligt aan de linkeroever van de
Cotticarivier. De bewoners van Wanhatti hadden geen toegang tot
gezond drinkwater omdat:
-
het watersysteem dat indertijd aangelegd was, vernietigd is
geworden tijdens de binnenlandse oorlog, waardoor men
aangewezen was op water uit de Cotticarivier;
-
het water in de Cotticarivier structureel vertroebeld wordt
door de duwboten van de SURALCO die regelmatig langs varen;
-
vooral in de droge tijd het zoutwater van de zee, dat
ongezond is om te gebruiken, ver de Cotticarivier
binnendringt.
Het
gevolg hiervan is dat de dorpelingen, vooral kinderen, ziek
werden en met name diaree opliepen. Daarnaast was het voor
zwangere vrouwen, seniore burgers en zieken een probleem om aan
water te komen omdat ze fysiek niet in staat zijn water vanuit
de rivier te sjouwen.
De stichting “Wanhatti Uma Un Sa Du” is de
initiatiefnemer van dit project.
De
naam van deze stichting is het aucaans voor “Vrouwen van
Wanhatti, we kunnen het”. Deze vrouwenorganisatie heeft een
project ingediend bij het CDFS voor rehabilitatie en uitbreiding
van het drinkwatervoorzieningssysteem, welk project is
uitgevoerd en vandaag officieel in handen wordt gelegd van de
gemeenschap. Het project omvatte de volgende onderdelen:
-
Rehabiliteren en/of vernieuwen van het bestaand systeem.
-
Het rehabiliteren van het buizenstelsel en het vernieuwen
van de afsluiters en de tappunten.
-
Het doen plaatsen van een zonne energie systeem t.b.v. de
pompen.
-
Uitbreiden van het bestaand distributienet naar de
bijgebouwde huizen.
-
Trainingen aan de vrouwenorganisatie en de technische
personen zodat de gemeenschap in staat is zelf het project
duurzaam te onderhouden.
De
totale projectkosten zijn ruim USD 92.000,- inclusief de
gemeenschapsbijdrage van bijkans USD 3,900,-. De
gemeenschapsbijdrage bestond uit arbeid, materiaal en verblijf.
Het aantal begunstigden van het project, d.w.z. het aantal
personen dat profijt zal hebben aan het project, is 135. |
|
Top |
|
CDFS draagt elektrificatieprojecten over aan gemeenschappen van
Apoera, Washabo, Section |
|
Op
Zaterdag 10 maart 2007 vond de officiële overdracht van het
Project “Elektrificatievoorziening Apoera, Washabo, Section”
gelegen in het district Sipaliwini plaats. De overdracht vind
plaats door de Minister van Regionale Ontwikkeling, Z.E. Michel
Felisi aan de gemeenschappen van Apoera, Washabo en Section ten
overstaan van de Directeur Mijnbouw, Energie en
watervoorziening, dhr. J. Abdul en de Directeur van het CDFS,
dhr. Roland King.
Achtergronden
De
meerderheid van de dorpen Apoera, Washabo en Section , die langs
de Corantijnrivier liggen, beschikten tot voor kort niet over
elektrificatie. Als gevolg hiervan:
-
Waren schoolkinderen niet in staat hun huiswerk te maken ’s
avonds
-
Konden elektrische hulpmiddelen niet gebruikt worden voor
voedselbereiding en voedselconservering
-
Konden audio- visuele apparaten niet gebruikt worden voor
educatieve, recreatieve en communicatie doeleinden
-
Is het ’s avonds erg donker en potentieel onveilig in de
dorpen (slangen, kuilen, incidentele criminaliteit)
De
stichting “Warishi” is de sponsor van deze projecten. Deze
stichting is een NGO, die zich bezighoudt met
gemeenschapsontwikkeling van de 3 dorpen. De gemeenschappen van
Apoera, Washabo en Section hebben een Werkgroep Elektrificatie
gekozen om hen te vertegenwoordigen en om de implementatie van
het project te faciliteren. Het zijn 3 projecten die gezamenlijk
zijn uitgevoerd. De projecten zijn succesvol uitgevoerd en
zijnop 10 maart officieel in handen gelegd van de
gemeenschappen. De werkzaamheden zijn uitgevoerd door de N.V.
Energie Bedrijven Suriname (EBS) als contractor. De projecten
omvatten de volgende onderdelen:
-
Verbinding van de dorpen Washabo en Section met het
energievoorzieningssysteem te Apoera
-
Aanleg van hoge – en lage spanningslijnen van deze 2 dorpen
naar Apoera
-
Uitbreiden van het bestaand distributienet naar de niet
voorziene huizen.
-
Trainingen aan de werkgroep en de gemeenschap in organisatie
en financiële management, technisch onderhoud en community
awareness . Deze trainingen zijn de tools van de
gemeenschappen om zelf het project duurzaam te onderhouden.
De
totale projectkosten van zijn ruim USD 400,000,- inclusief de
gemeenschapsbijdrage van bijkans USD 27,000,-. De
gemeenschapsbijdrage bestond uit arbeid en materiaal. Het aantal
begunstigden van het project, d.w.z. het aantal personen dat
profijt zal hebben aan het project is 990. Middels het tekenen
van de overdrachtsdocumenten tussen het CDFS, de
vertegenwoordiger van de 3 dorpen en het Ministerie van
Natuurlijke Hulpbronnen, is de verantwoordelijkheid van het in
goede staat houden van het elektrificatiesysteem en het beheer
daarvan overgedragen aan het Ministerie van Natuurlijke
Hulpbronnen en wel de Energie Bedrijven Suriname (EBS), dat zit
zal doen in nauwe samenwerking met de lokale gemeenschappen.
Ministerie M. Felisi overhandigt de overdrachtsdocumenten aan
Directeur Abdul van NH. Links staat de heer Jules Lingaard
(vertegenwoordiger van de gemeenschappen). Rechts: dhr. R. King
(directeur CDFS) assisteert bij de overhandiging. |
|
Top |
|
Contractondertekening drinkwatervoorzieningsprojecten |
|
Op
donderdag 29 maart 2007 vond de contractondertekening plaats van
6 drinkwatervoorzieningsprojecten die het CDFS zal uitvoeren.
Het betreft de volgende gebieden aan de Boven- Suriname
(district Sipaliwini) waar er drinkwatervoorzieningssystemen
zullen worden opgezet:
Dahome,
Semoisi, Masiakriki, Dangogo 1 & 2, Malobi, Pokigron.
De ondertekening geschiedde door de Minister van
Regionale Ontwikkeling en de aannemers van deze projecten.
Achtergronden
De
gemeenschappen van deze dorpen aan de Boven-Suriname rivier
hebben geen adequate drinkwatervoorziening. Dit brengt allerlei
problemen met zich mee waaronder:
-
De huidige manier van waterwinning uit de rivier is voor
vele dorpsbewoners ontoereikend, omdat de loopsafstand tot
de rivier groot is;
-
Het gebruik van water direct uit de rivier vormt een risico
voor de volksgezondheid, omdat het rivierwater niet vrij is
van vervuilingen en bacteriologische verontreinigingen;
-
Infrastructuur voor de afvoer van overtollig water en
huishoudelijk afvalwater ontbreekt;
-
Gebrekkige sanitaire voorzieningen.
De
projecten omvatten de volgende onderdelen:
-
Het aanleggen van een drinkwater systeem welke gebaseerd is
op het zuiveren van rivierwater;
-
Het installeren van een rivier-intake pomp en het aanleggen
van een distributienet met tappunten verspreid in de dorpen
en op locaties waar de huishoudens geconcentreerd zijn;
-
Het uitrusten van het waterleidingsysteem met een
zuiveringsinstallatie die het rivierwater zal zuiveren van
bacteriën en andere vervuilingen;
-
Het aanleggen van publieke tappunten compleet met
afvoersysteem;
-
Het voorzien van de pomp van eigen en voldoende energie door
middel van zonne-energie panelen.
-
Het plaatsen van sanitaire voorzieningen zoals wastroggen,
badkamers en latrines.
De
totale projectkosten zijn ruim USD 990,000=. |
|
Top |
|
Opening school te Peto Ondro |
|
Op
maandag 30 april 2007 vond de officiële opening van de lagere
school te Peto Ondro plaats. Deze school is met fondsen van het
CDFS gebouwd (totale kosten USD 93,000) en is in februari 2007
door de Minister van Regionale Ontwikkeling, Z.E. Michel Felisi,
aan de gemeenschap van Peto Ondro overgedragen.
Het
dorp Peto-Ondro is een Marrondorp in het district Marowijne. Het
is zo’n 110 km verwijdert van Paramaribo en ligt 6 km. ten
oosten van Moengo. Peto-Ondro is een van de dorpen die verwoest
is geweest tijdens de binnenlandse oorlog. Voor de binnenlandse
oorlog hadden zij een lagere school. Deze school is door brand
verwoest. De schoolgaande kinderen van Peto-Ondro (ongeveer 100
leerlingen) moeten iedere dag 10 km heen- en terug lopen naar de
dichtstbijzijnde school te Moengo. Dit brengt een aantal
problemen met zich mee w.o. het ‘s ochtends heel vroeg op moeten
staan; vermoeid op school aankomen, regelmatig laat komen op
school waardoor gedeelten van de lessen worden gemist, het door
weer en wind moeten lopen, hierdoor vaak ziek worden en
verzuimen van school en laat thuis komen van school. Vanwege
deze problemen heeft de gemeenschap van Peto Ondro,
vertegenwoordigd door de Werkgroep Peto Ondro, een project
ingediend voor de bouw van een lagere school, welk project is
goedbevonden door het CDFS. Inmiddels is de school gebouwd, is
voorzien van elektriciteit en drinkwater en is er voor
schoolmeubilair gezorgd. Deze school is geoperationaliseerd door
de Stichting Rooms Katholiek Bijzonder Onderwijs (RKBO) en is
per 30 april 2007 geopend. Een deel van de schoolkinderen zit
nog op de school te Moengo en is aangeraden het schooljaar daar
uit te zitten en zich per 1 oktober in te schrijven op de nieuwe
school. Het hoofd van de school is dhr. Kwelling die tevens
voorzitter is van de Werkgroep Peto Ondro en die tezamen met de
gemeenschap heel hard heeft gewerkt ter realisering van de bouw
van de school.
Aan
de plaatselijke gemeenschap zijn door het CDFS trainingen
verzorgd in het financieel en technisch duurzaam beheren van het
schoolgebouw. Conform de basis principe van het CDFS moeten deze
trainingen de plaatselijke bevolking in staat stellen de school
duurzaam te onderhouden en te beheren. |
|
Top |
|
ANNUAL REVIEW |
|
Van
6 – 9 maart 2007 vond bij het CDFS de jaarlijkse evaluatie
plaats van de verrichte programma activiteiten over het jaar
2006. In het kader hiervan is er een missie samengesteld
bestaande uit vertegenwoordigers van de twee hoofddonoren van
het CDFS namelijk de Inter American Development (IADB) en de
Agence Francaise de Developpement (AFD). Verder namen deel aan
de Annual Review het Bestuur en het Management Team van het CDFS.
Deze vierdaagse meeting heeft als doel het evalueren van de
operationele en institutionele ervaringen van het CDFS,
inclusief de sociale, technische, milieu en financiële
procedures. Enkele punten die hierbij specifiek aan de orde
kwamen:
Onderdeel van de Annual Review waren projectbezoeken aan Apetina
en Godo Solan Kampu. Het CDFS heeft in de uitvoering op Apetina,
gelegen in het district Sipaliwini, de bouw van
onderwijzerswoningen, die tevens voorzien zullen worden van
water en electra. Op Godo, ook in het District Sipaliwini, zijn
eveneens in uitvoering de bouw van een lagere school en
onderwijzerswoningen ten behoeve van de dorpen Godo, Solan en
Kampu. Aan het eind van de Annual Review is er tussen de
Surinaamse Overheid en de Missie een “Aide Memoire” getekend
waarin zijn opgenomen de bevindingen en aanbevelingen die zijn
voortgekomen uit de discussies. |
|
Top |
|
Overdracht sleutels lagere school Peto Ondro |
|
|
Op
Maandag 18 december vond op het kantoor van het CDFS de
officiële overdracht van de sleutels van het Project “Bouw
Lagere School te Peto Ondro, District Marowijne” plaats aan het
Rooms Katholiek Bijzonder Onderwijs (RKBO).
Achtergronden
Peto-Ondro is een Marrondorp in het district Marowijne. Het is
zo’n 110 km verwijdert van Paramaribo en ligt 6 km. ten oosten
van Moengo. Met openbaar vervoer is dit dorpje niet te bereiken,
maar men kan wel vanaf Paramaribo tot Moengo met openbaar
vervoer reizen. Er zijn wel particulieren die het transport
verder van Moengo naar Peto-Ondro onderhouden op reguliere
basis. Peto-Ondro is een van de dorpen die verwoest is geweest
in de binnenlandse oorlog. Voor de binnenlandse oorlog hadden
zij een lagere school. Deze school is door brand verwoest. De
schoolgaande kinderen van Peto-Ondro (ongeveer 100 leerlingen)
kunnen niet goed presteren op school omdat ze iedere dag 10 km
heen- en terug moeten lopen naar de dichtstbijzijnde school te
Moengo waardoor ze:
-
‘s
ochtends heel vroeg op moeten staan en ze moe zijn als ze op
school aankomen, regelmatig laat komen op school waardoor ze
gedeelten van de lessen missen en ze achter raken, door weer,
wind en regen moeten lopen, zo vaak ziek worden en verzuimen van
school en laat thuis komen van school.
Daarom heeft de gemeenschap van Peto Ondro een project ingediend
voor de bouw van een lagere school, welk project is goedbevonden
door het CDFS. Inmiddels is de school gebouwd, is voorzien van
elektriciteit en drinkwater en is er schoolmeubilair geleverd. Aan
de plaatselijke gemeenschap zullen door het CDFS nog trainingen
verzorgd worden in het financieel en technisch duurzaam beheren
van het schoolgebouw. De totale projectkosten zijn USD 77,843,-
inclusief de gemeenschapsbijdrage van USD
4,966,-. |
|
Top |
|
Officiele overdracht gemeenschapscentrum Margarethenburg |
|
Op zaterdag 16 december 2006 vond de officiële overdracht van
het project “Bouw Multifunctionele Gemeenschapscentrum te
Margarethenburg” plaats.
Deze overdracht geschieden door de Minister van Regionale
Ontwikkeling, Z.E. Michel Felesi, onder wiens
verantwoordelijkheid het Community Deelopment Fund Suriname (CDFS)
valt. Het project is dan door het CDFS overgedragen aan de
gemeenschap van Margarethenburg. Dit project is het eerste dat
in Nickerie wordt overgedragen. Het project moet gezien worden tegen de achtergronden van het
niet aanwezig zijn van ontspanning- en educatiemogelijkheden
(accommodatie) in de wijde omgeving van Margarethenburg
waardoor jongeren en ouderen de mogelijkheden
daartoe niet
hadden en over konden gaan tot drugs- en alcoholmisbruik en zo
in het criminele circuit terecht konden komen.Daarnaast konden ouderen geen voorlichtingsbijeenkomsten
bijwonen om zodoende maatschappelijke problemen zoals
alcoholmisbruik , geweld tegen vrouwen en kinderen te bespreken. Het project bestond uit de volgende onderdelen:
-
Het bouwen van een gemeenschapscentrum in Margarethenburg te
Nieuw Nickerie;
-
Het creëren van een ruimte voor internet- en
computer-faciliteiten in het gemeenschapscentrum;
-
Het aansluiten van het centrum op het SWM waterleiding-net;
-
Het aansluiten van het centrum op het EBS elektriciteitsnet
-
Het leveren van meubilair (90 stoelen en 10 tafels) t.b.v.
het centrum.
De totale projectkosten bedragen USD 74, 083,-, inclusief de
gemeenschapsbijdrage van USD 7,027,-.
De gemeenschap werd vertegenwoordigd door de Nickerie Slagbal
Bond. Zij heeft volgens haar gemeenschapscontract een bijdrage
moeten leveren van 5.4 %. Dit heeft zij gedaan door in arbeid en
materiaal bij te dragen. Het aantal begunstigden van het project
zijn 2261. De gekozen aannemer is geweest Whiteberg N.V. De
bouwwerkzaamheden zijn gestart op 12 april 2006 en op 24
november 2006 werd het centrum definitief opgeleverd. |
|
Telecommunicatieproject Langu Dorp |
Achtergrond |
De 7 Marron dorpen die deel uitmaken van het Langu Gebied zijn gelegen aan de Gran Rio, een van de bronrivieren van de Suriname rivier, in het Boven-Suriname gebied. Het gaat om de dorpen Bendiwatra, Ligorio, Bëgoon, Kajana, Deböö, Godowatra en Stonuku, die praktisch op loopafstand (de meeste maximaal 2 kilometers) van elkaar zijn. De circa 3400 bewoners van deze dorpen hebben, vanwege hun geografische ligging, altijd moderne telecommunicatie mogelijkheden moeten ontberen. Hierdoor kunnen economische ontwikkelingen, waaronder ecotoerisme, in dit gebied heel moeizaam op gang komen.
Om hierin verandering te brengen en om uit hun isolatie te geraken, hebben de lokale gemeenschappen, vertegenwoordigd door de Stichting “Langu Tide” en de “Werkgroep Telecommunicatievoorziening Langu Dorpen”, een project ingediend bij het CDFS. |
| |
Het Telecommunicatieproject |
Telesur werd door het CDFS aangetrokken als contractor om het project uit te voeren.
Het project bestaat uit de volgende technische onderdelen:
-
Het opzetten van moderne telecommunicatie faciliteiten in de Langu Dorpen met mogelijkheden voor het telefoneren, faxen en internetten.
-
Het plaatsen van enkele publieke telefoontoestellen in de 7 dorpen.
-
Het installeren van een zonne-energie systeem ten behoeve van het op te zetten telecommunicatiesysteem in Deböö.
-
Het opzetten van een klein maar adequaat gebouw in Deböö voor de behuizing van de apparaten van het op te zetten telecommunicatiesysteem, welke tevens als regionaal telecommunicatie centrum (Telecenter) zal dienst doen.
-
Het opzetten van tot wel 140 meter hoge masten in de dorpen Gunzi en Pen-Pen, die op het traject in het Boven-Suriname gebied gelegen zijn, om de signalen naar het Langu gebied over te brengen vanuit Paramaribo, andere gebieden en andere landen, vice versa.
Samen met de 70 meter hoge mast te Deböö vormen deze masten de telecommunicatie ruggengraat voor (verdere) ontsluiting van het totale Boven-Suriname gebied. |
| |
De status van het project anno juli 2007 ziet er als volgt uit:
-
De Telecenter is opgezet en gebruiksklaar. De inrichting met computers en meubilair zal bij cq. nog voor de technische oplevering van het project plaatsvinden.
-
Alle masten zijn opgezet en functioneel gemaakt, zowel de zogenaamde “telecom back-bone” masten te Gunsi, Pen-Pen en Deböö, als ook de kleinere circa 25 meter hoge dienstmasten in het Langu gebied zelf, te weten te Stonuku, te Ligorio en te Bendiwatra.
-
De cabines met de publieke telefoons in alle 7 zusterdorpen zijn opgezet en gebruiksklaar.
-
De telecommunicatie signaal verbinding vanaf Paramaribo-Zanderij-Brownsweg via Gunsi en Pen-Pen naar het Langu gebied is opgezet, gericht en functioneel.
-
De zonne-energie voorziening voor de diverse apparatuur op de desbetreffende lokaties is geïnstalleerd.
-
Test telefoongesprekken hebben uitgewezen dat, met uitzondering van enkele kinderziekten op enkele lokaties, de verbinding nu vlekkeloos kan geschieden tussen de dorpen onderling, alsook inter(nationaal).
-
De cabine met het publieke telefoontoestel te Gunsi is gereed. De cabines van Pen-Pen en Semoisi zijn nog niet gereed. Telesur is momenteel nog bezig enkele technische modaliteiten hiervoor uit te werken.
-
Opgemerkt dient te worden, dat deze toestellen door Telesur, buiten het CDFS bestekswerk, aan de gemeenschappen van Gunsi, Semoisi en Pen-Pen zijn geschonken.
-
Gemeenschapstrainingen zullen voor een groot deel via Telesur in de derde week van augustus 2007 verzorgd worden.
|
De totale projectkosten bedragen ruim USD 250.000. Om de duurzaamheid van zo een kostbaar project te waarborgen, zullen de gemeenschappen door het CDFS getraind worden in ondermeer organisatie management, financiële administratie en klein onderhoud van de faciliteiten. Hierdoor zullen de gemeenschappen beter in staat zijn om financiële middelen te vergaren en te beheren, ten behoeve van onderhoud van het project. Het organiseren, uitvoeren en managen van het klein onderhoud zal namelijk de verantwoordelijkheid zijn van de gemeenschap. Onder klein onderhoud kan in het algemeen worden verstaan het schoonhouden van de terreinen, masten, gebouwen en eenvoudig equipement behorend tot dit project. In geval van groot onderhoud en/of storingen zal Telesur ingeschakeld worden. Er is dus, zoals eerder aangegeven, eerst sprake van een testfase waarbij er gebeld kan worden en waarbij dus eventuele mankementen geïdentificeerd en aangepakt kunnen worden, voorafgaand aan de eerste technische oplevering door de uitvoerder van dit project. |
| |
Een droom wordt werkelijkheid … |
Op woensdag 11 juli 2007 mocht de hoofdkapitein van de 7 Langu dorpen, de heer Hendrik Frederisi, als startsein voor de testfase, zijn eerste telefoon gesprek voeren vanuit zijn kantoor te Stonuku. De eer was aan CDFS Project Manager Amalia Rahamat om dit eerste gesprek met hem te voeren. Er was ook contact met CDFS directeur Roland King, die meteen op de hoogte gesteld werd van de ontwikkelingen. Het volgende gesprek was met niemand minder dan de minister van Regionale Ontwikkeling, de heer Michel Felisi, die midden in een R.V.M vergadering zat, maar toch de tijd vrijmaakte voor de kapitein en dit bijzonder telefoongesprek. Een zeer trotse en tevreden kapitein Frederisi, gaf aan dat hij enorm blij was dat hij vanuit zijn dorp (Stonuku) kon bellen naar de minister. Hij bedankte de minister voor de gelegenheid hun geboden dit project te realiseren en vroeg als de minister het er ertoe kon leiden dat in samenwerking met CDFS en Telesur het project spoedig opgeleverd kon worden, opdat alle dorpen de belmogelijkheden zouden kunnen benutten. De minister gaf aan dat hij hier zeker aan zou meewerken en dat hij zeker aanwezig zou zijn bij de opening van het project. |
| |
 |
Foto links:
Een historisch moment: de gelukkige hoofdkapitein van het Langu gebied de hr.Hendrik Frederisi
voert voor het eerst sinds het bestaan van de dorpen te Gran Rio, een telefoongesprek vanuit zijn kantoor te Stonuku, en wel met de minister van Regionale Ontwikkeling de Hr.Michel Felisi.
Rechts: CDFS Social Specialist, Angelo Gaspar |
Foto links: Het uittesten van de publieke telefoon in Godowatra door CDFS en de gemeenschap. Er is naar zowel standaard als cellulairs gebeld met een belkaart. De verbinding was heel helder. |
 |
 |
Gemeenschaps vergadering (krutu) ter installatie van een lokaal management team die zal helpen het systeem te beheren en onderhouden binnen hun mogelijkheden |
Het gekozen projectmanagement team (op de foto in de achter linie) welk voor 90% uit vrouwen bestaat. Dit team bestaat uit vertegenwoordigers van alle 7 dorpen en zal ook getraind worden door het CDFS en Telesur voor het duurzaam gebruik, beheer en onderhoud van het systeem. Op de voorlinie de basjas van de dorpen. |
 |
 |
Foto links:
De mast in Deböö geplaatst om de signalen over te brengen naar de dorpen. |
| |
CDFS - project Langu Dorpen |
Het CDFS project “Telecommunicatievoorziening Langu Dorpen” ging van start in juni 2006.
Telesur werd door het CDFS aangetrokken als contractor om het project uit te voeren.
Sindsdien is er een systeem opgezet waarmee de bewoners van alle 7 dorpen van het Langu gebied de mogelijkheid hebben om te telefoneren, faxen en internetten.
Op 11 juli 2007 werd het startsein gegeven voor de testfase en werd het eerste telefoon gesprek gevoerd vanuit het dorp Stonuku. Terwijl de definitieve oplevering voor 27 april 2008 gepland is, is het spin-off effect van het project nu al merkbaar.
Telesur heeft namelijk het initiatief genomen om mobiele telefonie toe te voegen aan het systeem.
Op 27 maart j.l. werd het GSM-gedeelte van het systeem opgeleverd en gelaunched. Vanaf die datum kunnen de bewoners van het gebied dus ook mobiel bellen.
Om de duurzaamheid van het project te waarborgen, zijn de gemeenschappen door het CDFS, in samenwerking met Telesur, getraind in ondermeer organisatie management, financiële administratie en klein onderhoud van de faciliteiten. Hierdoor zullen de gemeenschappen beter in staat zijn om de benodigde financiële middelen te genereren en te beheren, ten behoeve van onderhoud van het project. Het organiseren, uitvoeren en managen van het klein onderhoud zal na de overdracht namelijk de verantwoordelijkheid zijn van de gemeenschap.
De oplevering van dit project zal tegelijkertijd ook het startsein zijn voor de economische ontwikkeling van de circa 3400 bewoners van het Langu gebied. Contact tussen familieleden en vrienden zal nu veel gemakkelijker zijn. Toeristen die het gebied bezoeken zullen gebruik kunnen maken van de moderne telecommunicatie mogelijkheden. De gemeenschap zal kunnen beschikken over actuele informatie en zal in staat zijn om allerlei andere projecten te initiëren. De lokale gemeenschap is tot nu toe geïsoleerd geweest, maar met dit project zal de wereld voor hen open gaan. |
|
CDFS project Langu Dorpen definitief opgeleverd |
Op maandag 28 april j.l werd het CDFS project “Telecommunicatievoorziening Langu Dorpen” definitief opgeleverd. Na een onderhoudsperiode van 6 maanden is het project nu technisch volledig afgerond.
Het CDFS en Telesur hebben een bezoek gebracht aan het gebied en mochten met groot genoegen constateren dat het telecom systeem naar wens functioneert. Alleen de internetverbinding is nog wat traag, maar Telesur werkt eraan om ook deze laatste plooi glad te strijken. De interesse vanuit de gemeenschap is in elk geval groot, zegt Peace Corps vrijwilliger Lee, die aldaar computerlessen verzorgt en het klein onderhoud van de computers uitvoert. Hij heeft 2 lokale bewoners opgeleid in basis computer gebruik, zodat zij zelf de telecenter bezoekers kunnen assisteren bij het gebruik van de computers.
Tijdens het bezoek is ook gebleken dat de gemeenschap zich volledig heeft gehouden aan de afspraken wat onderhoud van het project betreft. De telecenter met bijbehorend apparatuur te Deboo en de hele omgeving van de verschillende opstallen (zonnepanelen, mast enz.) ziet er keurig uit.
De heer Caffé, voorzitter van de Stichting Langu Tide, gaf aan dat het project een grote vooruitgang betekend voor het gebied: “Nu is er vlotte communicatie mogelijk met de hele wereld. Het is nu gemakkelijk voor de plaatselijke gemeenschap om hun zaken in de stad te regelen en omgekeerd”.
Door de sterk verbeterde communicatiemogelijkheden, heeft het lokale toeristenoord ook een boost gekregen. De heer Njanjangman, eigenaar van het lokale toeristenoord verteld: “Als toeristen naar het binnenland komen, willen ze bellen en internetten om in contact te blijven met hun familie en vrienden. Goede communicatie is dus zeer belangrijk. Vroeger moest men gebruik maken van een zender. Nu geschiedt de communicatie veel vlotter en gemakkelijker”.
Een ander spin-off effect van het CDFS project, is dat de telecenter door de gemeenschap ook als verkooplocatie wordt gebruikt. Zo is er een heer die eieren te koop aanbied en de vrouwen van het dorp hebben daar handwerk te koop, vooral GSM tasjes/houders.
De algemene indruk is dat de gemeenschap tevreden is met het project. De wens van de gemeenschap is nu dat er nog meer kleine telecom masten geplaatst worden langs de Suriname rivier om zodoende de telefoon verbinding te optimaliseren en goed bereik te hebben in het gehele Boven-Suriname gebied.
De officiële overdracht van het project zal te zijner tijd plaatsvinden, in samenwerking met Telesur, het Ministerie van Regionale Ontwikkeling, het Ministerie van TCT en de gemeenschappen van Langu Dorpen |
|
Trainingen CDFS project te Kalebaskreek afgerond |
De trainingen i.v.m het CDFS project “Drinkwater voorziening Kalebaskreek” werden op 13 april j.l. op gepaste wijze afgerond. De trainingen werden uitgevoerd door het trainingsbureau Henaturant.
De gemeenschap, de kapitein en de basja’s van Kalebaskreek waren allemaal aanwezig, evenals hoofdkapitein Albert Aboikoni van de Saramaccaners, die door de trainers was uitgenodigd.
De technische trainer, Steven Hoffman van Indutec, gaf in zijn speech aan dat “de mensen in de stad jaloers zouden zijn op de druk en kwaliteit van het water dat hier uit de kraan komt”.
Hoofdkapitein Aboikoni bracht ook naar voren dat het CDFS veel doet voor de gemeenschappen te Boven-Suriname en elders in het land.
De vrouwelijke basja, mw. Koning, gaf aan dat de kennis die de trainees hebben verkregen uit de trainingen overgedragen moet worden aan de rest van de gemeenschap: “Wij kunnen het nu zelf en moeten onze kennis blijven overdragen om tot ontwikkeling te komen”.
De trainees zijn ook uitgebreid aan het woord geweest. D.m.v. presentaties en grappige sketches hebben zij duidelijk laten blijken dat zij de trainingen goed begrepen hebben en veel hebben geleerd. Hun presentatie was als het ware een minitraining voor alle aanwezigen, waarin zij o.a. aangaven wat het belang is van schoon water voor de mens en op welke manieren water vervuild kan worden. Ze gaven ook tips voor het ontsmetten van water en het behandelen van mensen die ziek zijn geworden als gevolg van het consumeren van onrein water.
Tijdens de presentatie werd ook aangegeven dat alleen de technisch opgeleide personen bevoegd zijn om eventuele problemen met het systeem aan te pakken, maar dat de hele gemeenschap in grote lijnen moet weten hoe het systeem werkt.
Voor onderhoud van de sanitaire voorzieningen, zal er een bijdrage van SRD 1,- betaald worden bij gebruik van de wc’s en douches.
Na de presentaties en opvoeringen van de trainees vond de certificaatuitreiking plaats.
De hoofdkapitein was enorm blij dat hij dat alles mocht meemaken. De gemeenschap van Kalebaskreek is gelukkig met de mijlpaal die zij hebben bereikt.
Het project is uitgevoerd door de aannemer Tammenga Contracting en Furnishing (TCF) onder supervisie van Concordia Consultants & Engineers en dhr. Tsai Meu Chong, nadat goedkeuring verkregen was van het Ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen.
De waterbron is aangeboord door dhr. Oostvriesland van Fluid Technology.
Ook de PAS heeft de gemeenschap bijgestaan bij de uitvoering van dit project, in de vorm van hulp bij het opbrengen van de gemeenschapsbijdrage.
Het is de bedoeling dat het project binnenkort wordt overgedragen aan het Ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen en de gemeenschap van Kalebaskreek.
Het CDFS is trots op deze gemeenschap en is blij dat zij als instantie i.s.m alle genoemde organisaties en personen, een bijdrage heeft mogen leveren aan de ontwikkeling van de gemeenschap te Kalebaskreek. |
|
De betekenis van het CDFS voor de Surinaamse gemeenschap |
Sinds haar oprichting heeft het Community Development Fund Suriname (CDFS) vele successen geboekt. Dienstbaarheid aan de gemeenschap is altijd haar belangrijkste doel geweest. In de afgelopen 5 jaar zijn er 85 projecten, met een totale waarde van US$ 11 miljoen, uitgevoerd of in uitvoering, verspreid over geheel Suriname met in totaal circa 100.000 begunstigden. Dat is bijna 20% van de Surinaamse bevolking. Ook zijn de projecten verschillend van aard; onderwijs, watervoorziening, elektrificatie, sport- en gemeenschapscentra, gezondheidszorg, telecommunicatie en zelfs de bouw van een ijsfabriek. Bovendien wordt een belangrijk deel van de voorbereiding en de volledige uitvoering van alle CDFS projecten uitbesteed. Zodoende heeft het CDFS zonder twijfel haar stempel achtergelaten op grote delen van de Surinaamse gemeenschap.
Het CDFS heeft een leerproces doorlopen op het gebied van voorbereiding en uitvoering van gemeenschapsontwikkelingsprojecten in Suriname. Dankzij de bereidheid te willen leren als organisatie heeft het CDFS de hand in eigen boezem kunnen steken. Door te investeren in menselijk kapitaal, d.w.z terzake deskundigen betrekken bij de voorbereiding en uitvoering van projecten, en de organisatiestructuur aan te passen, kon de productie van gemeenschapsprojecten worden opgevoerd. Zo groeide de investering in de samenleving van US$ 300.000 in 2003 tot een totale waarde van US$ 6.000.000 in 2007.
Het CDFS is een organisatie waar mensen met verschillende achtergronden in dienst zijn: waterspecialisten, bouwspecialisten, sociaal deskundigen en economen (circa 30 deskundigen). Dit heeft te maken met de aard van de organisatie een de reikwijdte (diverse typen projecten in heel Suriname). Het CDFS heeft zich ontwikkeld van een projectorganisatie tot een kennisinstituut, waarbij mensen in staat zijn projecten vaktechnisch te beoordelen op efficiency en effectiviteit, maar meer nog in staat zijn een aantal aspecten binnen de projecten te standaardiseren. NGO’s, aannemers en ingenieursbureaus hebben ook de ruimte gekregen om mee te groeien met het CDFS en projecten samen met de gemeenschap uit te voeren. De organisatie is door het aantrekken van deskundigen efficiënter gaan functioneren. De overhead in relatie tot de productie is per heden 22%. Dit percentage is vrij goed te noemen, omdat het zowel de kosten voor de deskundigen, als de transportkosten naar de bijna geïsoleerde gebieden in Suriname omvat.
Capaciteitsontwikkeling van de gemeenschap vormt een essentieel onderdeel van projecten. Gemeenschappen worden getraind, zodat zij in staat zijn om het klein onderhoud van hun projecten zelf te realiseren. Voor groot onderhoud worden er overeenkomsten gesloten met overheids- en particuliere instanties. In vele gevallen hebben CDFS projecten ook een spin-off effect gehad.
Zo zijn er gemeenschappen die na de uitvoering van hun CDFS project, zelf andere projecten hebben geïnitieerd. Vooral economische projecten hebben een behoorlijke push gekregen, vanwege de aanwezigheid van basisfaciliteiten, zoals stroom en water, in de gemeenschap. In geval van scholen worden de lokalen in vele gevallen ook gebruikt voor andere activiteiten van de gemeenschap, zoals trainingen door derden en bigi sma skoro.
Thans wordt er alles in het werk gesteld om het programma op correcte wijze af te ronden. Er zijn intussen 5 projecten on-hold gezet vanwege gebrek aan financiële middelen. Er zijn ruim 200 projecten in de pipe line en het CDFS wordt nog steeds op zeer regelmatige basis benaderd door de gemeenschap met het verzoek om project voorstellen in te dienen. Het is overduidelijk dat de behoefte aan een ontwikkelingsprogramma die de overheid in haar beleid ondersteund, nog volop aanwezig is in Suriname. Het is belangrijk dat de behoeftige gemeenschappen in ons land niet zomaar in de steek gelaten worden, maar dat er alles aan gedaan wordt om de gemeenschappen, die al zo lang wachten op de meeste elementaire voorzieningen, een helpende hand toe te reiken. |
Top
|
 |
 |